Column

3. jun, 2020

Beste George Floyd,

Eerst wil ik me tot you richten niet omdat je zwart bent. Ik wil me eerst tot jou richten, niet omdat je een Amerikaan bent. Ik wil me eerst tot jou richten omdat ik zag hoe je stierf. Je was machteloos, bedwongen door drie agenten lag je plat op de grond waar een agent ontspannen zijn knie in je nek had en wachten een paar minuten tot hij wist dat je zeker dood was. Ik wil me eerst tot jou richten omdat jouw laatste woorden waren, “mama” en “ik kan niet ademen”. Ik wil me eerst tot jou richten omdat er omstanders waren die de brute moord op jou hebben vast gelegd en zo ben je wereldberoemd geworden. Jammer dat je van die bekendheid geen gebruik kunt maken cq genieten. Ik wil me eerst tot jou richten omdat jij in het aardse leven geen rechtvaardiging hebt gekend, puur omdat je zwart was. Ik wil me eerst tot jou richten omdat jouw dood de hele wereld hard heeft geschud. En waar het zal gaan eindigen, Joost mag weten. Mocht je elders leven, zonder lichaam, dat je ziel ergens van uit een hoek, een gebouw, boven een wolk, zwevend of vliegend naar de medemensen kijkt laat me alstublieft weten of er een leven is na de dood. Want die vraag houdt me mijn hele leven bezig. En als er een leven is na de dood waar is dat? Is dat ergens in de hemel met de sterren of ergens in een zwart gat waar de wetenschappers onlangs hebben ontdekt. En daar beste George ben je ook zwart of krijg je daar een andere kleur. Wordt daar ook gediscrimineerd op kleur en ras? Ga me alsjeblieft niet vertellen dat het een spiegelbeeld is van het leven op aarde. Want dan kan ik god niet echt begrepen. Of is er helemaal geen leven en dat alle volkeren gehersenspoeld zijn en in duizenden jaren alleen aan het moorden geslagen zijn. Dat betekent dat het recht altijd aan de kant van de machthebber is en wij allemaal onder de macht van de sterkte gebukt gaan. Gelukkig, voor jou, dat er mensen tegen jouw moordenaars en hun racistische gedachten protesteren. Maar of dat iets gaat veranderen betwijfel ik ten zeerste. 

Rust maar lekker uit.
NB: Heb je van Baris Cakan gehoord? Heb je hem daar ontmoet? Hij is een jonge man, nog geen twintig jaar oud. Hij is een rustige man, verlegen en houdt van muziek, Koerdische muziek. En die muziek werd namelijk zijn dood. Ja, hij stond op het balkon van zijn ouders in Istanboel en luisterde naar Koerdische muziek. Hij werd geroepen door een paar Turkse jongeren en toen hij op de straat kwam hebben ze hem doodgestoken. Zoals ik het gehoord heb heeft hij geen kans gehad hulp te roepen. Er waren helaas ook geen omstanders die de steekpartij gefilmd hebben. Ik begreep dat zijn vader door de Turkse autoriteiten gedwongen was een ander verhaar te vertellen om de schuld bij zijn zoon te leggen.
Ja, zo gaat het. Nu ga ik me tot hem richten en je krijgt van zelfsprekerd een cc.  

Beste Baris, 

Ik zal je onrecht doen als ik je zeg dat je Koerdische muziek niet hardop had moeten draaien. Van mij mag je naar welke muziek dan ook luisteren. Maar je bent als volwassen man en je leeft je hele leven in Turkije. Wist je niet dat het draaien van Koerdische muziek het je jouw leven ging kosten? Welke muziek was het? Was het een van de traditionele melancholische volksmuziek waarmee de Koerden bekend zijn en al eeuwen het herhalen? Was die revolutionair muziek? Draaide je de Koerdische nationale hymne, Ay-Raqib? Of was het gewoon danslied?
Ik kan je zeker niet verweten dat je de verkeerde tijd en de verkeerde plaats hebt gekozen om naar je muziek te luisteren. Want het is wel bizar als je zelfs thuis, in dit geval, bij jouw ouders thuis, je favoriete muziek niet mag draaien. Waar dan wel zou je zeggen.
Hoe dan ook, je hebt je Koerdische muziek gedraaid, je hebt er blijkbaar van genoten maar helaas niet voor lang. Jammer dat je als het allerlaatste wat je gehoord hebt niet de Koerdische muziek was maar de scheldwoorden van de Turken die je hebben doodgestoken. 
Ik zie op Koerdische social media jouw foto’s, een van jouw foto’s wordt gemonteerd samen met die van George Floyd met de tekst dat George door zijn kleur is gedood en jij omdat je een Koerd bent.
Ik ben bang dat ik je teleurstel als ik zeg dat je bijna geen aandacht krijgt, zeker niet internationaal. Wat me opvalt dat de Koerdische politieke partijen zeer weinig tot niets doen om de brute moord op jou te veroordelen. Misschien zijn ze bezig met hun eigen partijzaken, in alle delen van groot Koerdistan. Natuurlijk ze bedoelen met hun strijd het goede voor het volk maar krijgen geen tijd en ruimte om verder te kijken dan hun neus lang is. Hierdoor kunnen ze niets overzien, ze zien andere partijen als vijanden in plaats van lot- en landgenoten.
Ze zijn in stress en daardoor kunnen ze ook niet evalueren wat ze doen, helaas. Ze hebben geen tijd om te kijken of ze juist handelen of niet.
Ik zei net tegen George mocht er een leven is na het aardse leven en je ergens naar Koerdistan kunt kijken en vrij bent hopelijk kan je vanuit daar af en toe een signaal sturen naar de Koerdische leiders, dat ze meer naar Koerdische muziek moeten luisteren en niet dansen naar de pijpen van de onderdrukkers.

Kortom ik gun jou en George alle rust van de wereld. Ik hoop dat jullie niet naar deze wereld gaan verlangen.
Je zou een beetje jaloers zijn op George omdat hij, zeer terecht, als zwarte Amerikaan de aandacht van de wereld krijgt maar jij krijgt die aandacht niet. En ik denk puur en alleen omdat je een Koerd bent. Omdat je van een volk afstamt dat iedereen maar het goed vindt dat het onderdrukt blijft, uitgemoord en vernederd wordt. Dat begrijp ik niet. Misschien daar boven kan je de reden daarvoor vinden. 

Het ga je goed.

14. apr, 2020

Ik wil de vrijheid vieren. Afgelopen 4 weken ben ik opgesloten geweest aan de Spaanse zee. Op de eerste paasdag pak ik de fiets en hervat mijn fietsroutes langs en door de weilanden. Langs het Noord-Hollandse kanaal kwam ik vroeger zelden mensen tegen, zeker na negen uur in de ochtend.
Het lijkt of heel Nederland mijn vrijheid met me mee wilt vieren. De route, waarop ik meestal in een uur fietsen, een paar voorbijgangers tegen kwam, is druk. Fietsers, wielrenners, wandelaars en lopers. De lopers en wandelaars handhaven het verkeerssysteem van Engeland, dus lopen op de verkeerde weghelft. Als fietser moet je ze mijden en dus ook op de verkeerde weghelft gaan fietsen om een botsing te voorkomen.
De drukte is niet alleen irritant maar soms grappig. Ik kom vijftal dikke vrouwen allemaal in het zwart gekleed. Ze lopen, als ganzen, achter elkaar met het gepaste afstand. Ze spreken Turks. Ik kom ouders die kinderwagens voorzing uitduwen en voor zich in de leegte turen. Zelfs een man met een lange grijze baard, die op een imam lijkt, kom ik op het fietspad tegen. Zijn vrouw, geheel in het zwart bedekt, fietst vlak achter hem. Ze heeft haar gezicht niet bedekt.
Een ruiter mocht niet ontbreken tijdens mijn fietsroute. Twee joggende jonge vrouw zijn altijd een lust voor het oog maar door de corona denk ik alleen maar aan de virus die eventueel uit hun wapperende haren in mijn gezicht zou komen. Dus kijken naar benen en billen die op galopperen lijken zit er niet in.
Thuis, onder de douche, besef ik dat zelfs het vieren van vrijheid in de tijd van corona niet te genieten is. Misschien had ik moeten wachten tot na de paasdagen. 

13. apr, 2020

De contacten met Buiza beginnen. Ik krijg, na twee dagen, een email met het verzoek hen te bellen omdat ze me telefonisch niet kunnen bereiken. Ik bel en krijg de alarmcentrale aan de lijn, een aardige man vertelt dat ik op de 11de terug kan. Ik vraag bedenktijd. Ik wil namelijk het gevaar van besmetting tijdens de terugreis bestuderen maar na een nacht besluit ik terug te vliegen. Ik krijg alle documenten toegestuurd. Een brief van de minister zit er bij. Ik kan die brief gebruiken wanneer de politie, onderweg, controleert.
Onderweg naar het vliegveld, in de lengte van ruim vijftig km kom ik nauwelijks auto’s tegen. Voor en achter me schreeuwt de leegte. De eenzame weg ligt ontspannen bij.
Bij de vlieghaven zijn de autohuur bedrijven gesloten maar ik kan de auto in de grote parkeergarage achterlaten. Ik parkeer de auto, maak video’s voor de volle tank, de plek waar ik de auto parkeer en van het werpen van de sleutel in de box. 
Om de parkeergarage te verlaten is een puzzelstuk dat tijd en energie kost. Uiteindelijk kom ik bij vertrekhal waar het erg warm.
TUi is de enige incheckbalie die open is. De enige vlucht die zou vertrekken is de vlucht die ik ga nemen. De meeste passagiers hebben mondkapjes op behalve een paar kinderen en jonge mensen die sterk in de minderheid zijn. De meerderheid van de passagiers is 60+, eigenlijk 70+. In de rij voor de incheckbalie staat voor me een keurig oud echtpaar. De vrouw is erg slank, mager. Achter me staat een twee meter lange klerenkast met een gigantische buik. Hij is constant met de telefoon bezig en af en toe haalt hij het mondkapje van zijn mond af. Hij en zijn vrouw die vlak achter hem staat letten niet op de afstand van 1,5m en komt steeds dichterbij. Irritant. Maar ik probeer kalm te blijven, althans niet te reageren. Ik overtuig mezelf dat ik straks misschien naast hem zit, helemaal zonder afstand.
Na inchecken en het passeren van de vervelende veiligheidscontrole begint het wachten die ik het meest haat. Instappen begint op tijd. Ik stap in een vliegtuig dat een tussenstop heeft gemaakt en passagiers aan board heeft. Ik zou naast een dikke vrouw zitten die zich met alles en iedereen bemoeit. Later blijkt dat ze niet op de juiste stoel zit. Ze was uit Malaga gekomen en vond het blijkbaar vervelend naast haar man te zitten en koos dus voor een andere stoel, in een lege rij. Een magere “Chineese” vrouw komt op de plek te zitten. Ze heeft een te grote mondkapje en te grote plastic-handschoenen aan. Naast me aan de rechterzijde zit een oude man met een mondkapje op maar constant zijn vinger in zijn neus steekt. Hij zit ook op de verkeerde stoel. Als een man met een volle zwarte baard komt en naar de stoel wijst staat de oude man en gaat naast zijn vrouw zitten bij het raam, met zijn tweetjes. De bebaarde man die naast me komt zitten is dik, bijna een obesitas patiënt. Zijn vetrollen hangen op zijn schoot, zijn dikke linkerarm komt tegen mijn rechterarm. Ik weet dat ik de komende drie uur moet mediteren, aan leuke dingen denken. Ik moet mijn geest zodanig manipuleren om niet in dit vliegtuig te zijn. Meestal ben ik bang voor vliegen maar in dit geval verdwijnt mijn vliegangst onder de stoel van mijn dikke buurman.
Na twee uur en vijf minuten landen we op Schiphol die bijna totaal verlaten is. Zo eenzaam een verlaten Schiphol heb ik nog nooit gezien. 
Trein en metro vind ik de beste verbinding. De train legt de afstand tussen Schiphol en Amsterdam-Zuid in zes af. De metro is even snel.
Ik stap in een bijna lege trein, doe mijn mondkapje af en maak een selfie. Ik hoor geschreeuw. Als ik uit het raam kijk zie ik vier gewapende KMAR mannen met geweren gericht op iemand die ik niet kan zien. Ze gaan voorbij aan mijn vizier. Ik wil uitstappen om te filmen. De treindeur gaat dicht. Ik moet via het raam zien te filmen. Er komt weer een gewapende KMAR man met het geweer in een schiet positie. Achter hem loopt een Schiphol medewerker die bescherming probeert te vinden achter de dikke palen. Het geschreeuw houdt aan en ik hoor een schot dat gelost wordt. De medewerker rent weg, terug. De gewapende KMAR man gaat zijn collega’s helpen. Ineens zie ik een vrouw op het perron, verdwaald. Tegen haar wordt geschreeuwd om weg te gaan. Op dat moment gaat de deur van de trein open en ze stapt in.  De deur gaat weer dicht. Ze kijkt verward en vraagt wat er aan de hand is. Ik zeg KMAR is bezig iemand te arresteren. Ze vraagt waar de trein heen gaat. Ik zeg naar Den Bosch. O. Ze moet naar Leeuwarden en de deur is dicht. Ze belt met een kennis en terwijl ze praat gaat de deur open maar tot ze haar trolley pakt gaat de deur weer dicht. Ik moet een lach onderdrukken en zeg dat ze altijd kan overstappen. Een paar keer wordt geroepen dat de trein mag nog niet vertrekken, ze moeten op de toestemming van KMAR wachten die de trein aan het doorzoeken is. Gelukkig voor de vrouw die naar Leeuwarden moet gaat de deur weer open. Ze stapt eruit en mijn trein vertrekt, na 22 minuten vertraging. 

Een mooiere en spannendere welkomst kan ik me niet voorstellen.  

12. apr, 2020

Opgesloten aan zee

 

Op het jaar 2020 had ik me verheugd. Waarom? Wegens de cijfers, het getal. Er is een balans in de cijfers. 2020 begon in Nederland met slecht weer. Eigenlijk het was een voortzetting van het weer dat al twee maanden slecht was. De zon verkeerde in een diepe depressie, de wind en de wolken domineerden het land. Om depressies tegen het lijf te gaan fietste ik elke dag een klein uurtje. Er kwam slecht nieuws uit het verre oosten, uit China dat er een virus is dat Corona heet. Niemand nam het serieus en ik bleef elke dag fietsen, als medicijn tegen eventuele griep. En de verslapping van de spieren. 

Fietsen begon ik plichtmatig te doen en wilde even uit het eeuwig durende slecht weer en het slechte nieuws. Corona had Europa bereikt en ik zocht een plek waar het warmer is. De weer-app gaf weken lang aan dat in Spanje warm en zonnig was. Ik boekte een vlucht en wilde ruim drie weken aan de warme Spaanse zee vertoeven. Corona verharde in haar macht en veroverde steeds nieuwe landen. Iedereen besefte dat het serieus is en voelde het gevaar steeds dichterbij komen. De vlucht heb ik niet geduelleerd.
Eenmaal in Spanje veranderde het mooie weer in regen en wind. Toch genoot ik vier lange dagen van de zee, zitten op de rotsen, turen naar de zee, wandelen en staan in het zeewater. Ineens besloot de Spaanse regering alles op slot te doen. De toegangen tot de zee, stranden en boulevard werden verboden terreinen. De winkels moesten sluiten. Kortom iedereen moest binnenblijven, ik ook. Dan word ik onrustig. Het mooie uitzicht op de zee, vanuit mijn balkon, bood geen troost. De zon bleef weg althans hield zich achter dikke wolken verbergen. De regen en de wind werden steeds agressiever. Het werd waterkoud. De flat waar ik verbleef begon leeg te lopen. Bijna iedereen vertrok. Van de 88 appartementen waren slechts nog 8 bezet. De wijk waar ik verbleef werd eenzaam. Niemand, bijna niemand mocht naar buiten. Mensen mochten even de hond uitlaten. Mijn vrijheid is beperkt.
De trappenhuis bood perspectief. Ik ging de trappenlopen, elke dag. Het waren twaalf verdiepingen. Ik klom drie omhoog en twee omlaag, bijna een uur lang. Mijn linkerknie begon te piepen en kraken. Ik negeerde de pijn en raakte verslaafd aan trappenlopen. Ieder keer voelde ik me even gelukkig en gezond, zeker na een warme douche.
Gember, citroen, uien, eiren, honing en veel eten werd een soort obsessie. De inspiratie voor creatief werk werd minimaal. Sommige dagen raakte ik mijn Macbook niet. Balkon-wandelen en balkon-dansen deden hun intrede. Gelukkig had ik mijn verrekijker meegenomen. Het balkon is een soort observatiepost geworden. Ik tuurde met de verrekijker om bewegingen langs en op zee te zien.
Als ik de vuilnis buiten moest zetten ging ik een ommetje doen met het gevaar op de bon geslingerd te worden. Voor Corona ben ik, met mijn mankementen, een ideale prooi en als Corona me zou vinden dan zou ik snel Voltooid-Verleden-Tijd gaan worden.
Na een week in Spanje kreeg ik een mail van de vliegmaatschappij dat ze niet meer gingen vliegen, dat ik wel een voucher zou kregen. Buiza wilde helpen repatriëren maar ik wilde niet mijn vakantie verbreken. Ik hoopte op het einde van de totale sluiting van Spanje maar die werd verlengd.
De zee waarnaar ik verlangde en vanuit het balkon er naar keek begon raar te doen. Het leek op hij wilde zeggen: ‘Ga weg man als je niet durft 150 meter af te leggen’.
Toen wist ik dat ik terug moet. In Nederland zou ik tenminste wandelen of fietsen.  Ik besloot gebruik te maken van de diensten van Buiza.

14. feb, 2020

Geboren worden op de Valentijnsdag is misschien leuk maar, door een hartaanval, op de Valentijnsdag sterven is niet leuk maar wel opvallend. Dat overkwam Ischa Meijer die een kwarteeuw geleden op zijn 52ste verjaardag stierf.
Dat hij na een kwarteeuw actueel blijft zegt veel over zijn kunnen en karakter. Hij was een goede en opvallende journalist, interviewer en schrijver. 
Bij het programma De Wereld Draait Door DWDD, dat na 15 jaar ophoudt te bestaan, was Connie Palmen, de voormalige vriendin van Ischa Meijer, te gast. Ze schreef, na zijn overleden, een boek over Ischa. Ze werd door de presentator Mathijs Nieuwkerk, een ster onder de interviewers, gevraagd om het denderende begin van haar boek voor te dragen. Dat deed ze gráág. Ik houd van schokkende starten van boeken en films maar dat begin stonk, letterlijk naar poep. Ze beschrijft een ontmoeting met Ischa waar ze zwijgend naar elkaar keken en tegelijkertijd in hun broeken deden. Geen druppels urine maar poep, gewoon in hun broeken gepoept. Ze beweerde dat het echt gebeurd was. Dat is een bijzonder verhaal maar is het schoon en smakelijk? Zouden ze hierna elkaar geknuffeld hebben. Gingen ze wel praten? Ischa Meijer kennende kon geen blad voor de mond houden. Maar misschien dachten ze beiden aan eigen stank, aan de plakkerige drollen die de reis over hun dijen richting hun broekspijpen begon? Blijkbaar had Connie zelf een string aan want ze wilde hierna wijde onderbroeken dragen.
In mijn roman Laatste Vlam begon ik ook met een schokkend beeld maar die stonk niet zo als die van Connie. Het ging niet om mezelf maar om twee bejaarde geliefden die op een vliegveld afscheid namen met een tongkus, maar ze doen eerst hun kunstgebitten uit.

Ischa Meijer interviewde me ook, op 29 april 1991. Hij kende Connie toen al vier maanden. Tijdens het interview zag ik dat hij zenuwachtig was en vuurde vragen op me. Blijkbaar een manier om je zenuwen beter onder controle te houden. Had hij bij die ontmoeting met Connie maar niet gezwegen. Maar alles heeft voor en nadelen. Als hij bij die ontmoeting niet had gezwegen had hij misschien ook niet in zijn broek gepoept, zoals Palmen in haar boek beweert.
Nee, zwijgen was niets voor Ischa.
Ik bewaar wel goede herinneringen aan zijn programma, aan zijn betrokkenheid met het onderwerp. Het programma ging over de exodus van Koerden in 1991 na dat de geallieerden onder leiding van Amerika de Koerden in de steek hadden gelaten en zij toen voor Saddam’s vernietig wapens massaal vluchtten.
Ik wil die dappere en brutale Ischa herinneren maar niet de zwijgzame schijtende Ischa.
Voor de geïnteresseerden voeg ik dit link toe, de link naar zijn programma waarin ik de hoofdgast was.: https://www.youtube.com/watch?v=JyLg5wFqaNU&t=116s