25. jan, 2016

Niet in elk huis met nummer 3 is ingebroken...

Het was 3:40u op de eerste dag van het nieuwjaar (dat hoort gevoelsmatig bij de oudejaarsavond) toen ik geluiden hoorden, de gordijn in de slaapkamer op een kiertje verschoof en naar buiten keek. Ik zag een politieauto staan. Ik zag een politieagent met een zaklantaarn naar het huis van de buren kijken. De agent liep verder. De slaap en de vermoeidheid dwongen me mijn hoofd op de kussen te leggen en onder de wol te schuiven. Twee dagen later werd tijdens het avondeten aangebeld. Ik deed de deur open. Er stond een goed uitziende, jonge politieagente. Ze keek naar mijn verbaasde blik en zei:'niet schrikken, hoor. Ik wilde alleen vragen of u iets opgemerkt hebt op de oudejaarsavond?' Ik vertelde wat ik hierboven beschrijf. Op dat moment zag ik de buurvrouw naar buiten gaan. Ze liep langs de politieauto, gooide vuil in de vuilgoot en ging terug naar huis. Ik vroeg de agente of het echt bij de buren ingebroken was. Ze knikte. Op mijn vraag of veel gestolen is kon ze geen antwoord geven. Ze wenste me een fijne avond en vertrok. De volgende dag kwam ik thuis en zag een sleutelbos in de deur van de buren steken. Ik belde, bij de buren, aan. De deur ging open en ik zei wijzend naar het sleutelbos: 'zo maak je het erg makkelijk voor de dieven. Is veel gestolen? Ik hoorde namelijk van de politieagente dat bij jullie ingebroken was.' De vrouw zei dat ze eigenlijk niets van begrijpt. Dat de politie de buren van links en van rechts vraagt of ze iets gemerkt hebben maar ze vragen ons niet. Het is toch bizar. Ik vond het op zijn zachts gezegd uitzonderlijk. Ik kon het niet begrepen dat de politie beweert dat er bij de buren ingebroken is maar de bewoners zelf, om wie het gaat, niets weten, althans niets van de inbraak. Het bleef een raadsel tot gistermiddag. Ik zag een buurvrouw die schuin tegenover ons woont, op een afstand van meer dan honderdmeter, met een andere straatnaam. Ze vertelt dat het bij hun ingebroken was, op de oudejaarsavond, en dat er veel gestolen was. Ik vertelde het verhaal van mijn buren die op nummer drie wonen. Zijzelf woont ook op nummer drie maar dan zoals ik zei met een andere straatnaam. Het kwartje viel. Zij en ik kwamen tot de conclusie dat de politie onderzoek deed op basis van het cijfertje 3 en niet op basis van het adres.
Vanochtend toen ik de hond uitliet en langs het huis liep waar echt ingebroken was keek ik naar het groen dat aan beide kanten van een voetpad en een fietspad grenst. Ik zag grote drollen hondenstront. Het voetpad was bezaaid met de kleine drollen van eenden en ganzen. Even verder schitterde het water aan beide kanten van de paden. Ik dacht aan het paradijs, aan de rivieren van honing en melk. Ik vroeg me af of in het hiernamaals, in het paradijs wel dieren zullen zijn en of ze daar ook alles zullen onder-poepen. In ieder geval in het paradijs moeten heel veel bijen, koeien en schapen zijn anders kunnen die rivieren van honing en melk niet stromen.