30. apr, 2016

Ebru Umar, Fidan Ekiz en Yezidie vrouwen zijn geen Rode Katrien(en)!

De essay 'De vrouw als strijdtoneel' van Rianne Oosterom (zaterdag 30-4-2016 in Letter&Geest, dagblad Trouw) heb ik met interesse gelezen.
Een citaat: 'Vlak na de oorlog zag Ton Bernsen hoe zijn moeder een huishoudtrap tegen het huis van de slager aan de Utrechtse Herenweg zette en aan de wapperende vlag begon te sjorren. De slagersdochter, 'Rode Katrien', was een 'moffenmeid', een landverraadster. Besmeurd met kussen van een Duitse militair was ze vlag noch wimpel meer waard.
Een groep Binnenlandse Strijdkrachten (de volkspolitie van oud-verzetsstrijders) kwam de hoek om. Ze zagen moeder Bernsen op de trap staan en riepen: "Die moffenhoer moeten we hebben." Ze sleepten het meisje uit de koelcel waar ze zich in had verstopt. De slagersdochter werd aan alle kanten geduwd. Ze gilde en huilde, herinnert Bernsen zich. "Mijn moeder was de eerste die aan haar sieraden begon te rukken. Ze stak ze in haar zak en rukte vervolgens de bruine jurk van het lichaam van het meisje. Ze stond in haar roze onderjurk te rillen."
Met een tondeuse werd haar rode haar afgeschoren, terwijl de buurtbewoners joelden. Op een kar werd het meisje door de Utrechtse binnenstad gereden.' Einde citaat.
Dit gebeurde in Nederland, na de tweede-wereld-oorlog. Het tafereel was overgewaaid uit de praktijken van de middeleeuwen. Dit verhaal brengt me terug naar mijn land van herkomst dat vol is van zulke verhalen. Nu, op de dag van vandaag is daar de oorlog actief. De oorlog daar heet geen wereld oorlog maar voor diegene die in de oorlog zit maakt niet uit of het wereld oorlog is of niet. Het is zijn wereld die in oorlog staat. Daar zijn nog duizenden Yezidie vrouwen en meiden in de handen van een islamitische terreurorganisatie die hen als "buit" heeft gemaakt. Volgens de regels van ruim 1400 jaar geleden, die in de Koran voorkomen, worden die vrouwen nu als eigendommen behandeld, dus als slaven en slaven mag je verkrachten en verkopen. Die Yezidie vrouwen en meiden hebben niet geflirt met de terroristen, hebben niet mee gedanst en niet vrijwillig met de vijand meegegaan zoals de Nederlandse Moffenmeiden. De Yezidie vrouwen en meiden werden met geweld meegenomen. En diegene die zich op een of andere manier uit de handen van de terroristen konden bevrijden werden aanvankelijk door hun maatschappij afgestoten. Gelukkig konden bepaalde invloedrijke instantie ingrijpen waardoor de Yezidie maatschappij hun hersenen konden gebruiken. Ze zagen hun ontsnapte vrouwen, uit de handen van terroristen, niet meer als afvalligen maar als slachtoffers die geholpen moesten worden. Zo werden ze dan bespaard voor een nog grotere vernedering.
Wat drijft de mens om zo wraakzuchtig, haatdragend, primitief en destructief te handelen? Waar komt die blinde haat vandaan, vooral wanneer men in machtspositie komt?
De massamedia en het internet stelt de mens nu in een machtspositie. Men kan zich uiten, vreselijk te keer gaan zonder consequenties. Als ik verder denk, gebruikmakend van de affaire van Ebru Umar als voorbeeld, zie ik Ebru en Fidan Ekiz door de 'NederTurken' behandeld worden als Rode Katrien, de Nederlandse slagersdochter van de na de IIWO.